Digitale innovatie in de ouderenzorg

Bart ColletEen gesprek met Bart Collet, expert in digitale gezondheid en eigenaar van een bejaardentehuis

Wie de wereld van digitale gezondheid in Vlaanderen betreedt, kan niet om Bart Collet heen. Sinds 2005 al evalueert Bart draadloze oplossingen voor toezicht en communicatie in de gezondheidszorg en hij wordt ondertussen internationaal erkend als pleitbezorger van mHealth (mobile health). Hij is medeoprichter van HealthStartup Europe, een reeks conferenties in Europese steden over digitale gezondheid. Hij is ook de initiatiefnemer van Zorgbeheer.com, een internetplatform voor captains of care dat hij in 2006 lanceerde, en in zijn dagelijks werk is hij eigenaar en directeur van een Antwerps bejaardentehuis. We vroegen Bart hoe het web en mobiele technologieën de ouderenzorg aan het veranderen zijn.

Welke rol speelt technologie in de ouderenzorg?

Gezien de vergrijzing van onze bevolking is ouderenzorg duidelijk van cruciaal belang. Een steeds groter aandeel van de bevolking zal immers zorg nodig hebben, terwijl we geconfronteerd worden met lagere budgetten in de gezondheidszorg en een tekort aan personeel. Technologie kan ongetwijfeld een sleutelrol spelen als we deze uitdaging willen aanpakken, maar import-export zal even belangrijk zijn.

Import-export? Wat bedoel je?

Enerzijds moeten we werknemers in de gezondheidszorg importeren uit het buitenland om aan de vraag te kunnen blijven voldoen, maar anderzijds vermoed ik dat we ook onze ouderen gaan beginnen ‘exporteren’. We zien dat al gebeuren met Duitse ouderen die kiezen voor residentiële zorg in Oost-Europa, omdat het daar zoveel goedkoper is. Ik heb bijvoorbeeld het aanbod gekregen om een zorginstelling voor ouderen te helpen opzetten aan de Kroatische kust. Het weer is er schitterend en het is er veel gemakkelijker en goedkoper om competent personeel te vinden. Het is een interessant voorstel, dat ik het overwegen waard vind.

Dat klinkt geweldig! Maar laten we het nu over technologie hebben.

De belangrijkste rol die technologie kan spelen is de ouderen uit de residentiële zorg houden. Ouderenzorg doorloopt immers minstens drie fasen, te beginnen met thuiszorg, naar begeleid wonen (in een assistentiewoning of een service flat) en uiteindelijk tot een woonzorgcentrum. We moeten erop toezien dat mensen in staat zijn om zo lang mogelijk thuis te blijven, daarbij ondersteund door technologie en zorgverlening aan huis. We moeten ook veel meer assistentiewoningen bouwen. Nieuwe technologieën kunnen een aanzienlijke rol spelen in deze eerste twee fasen, maar slechts in mindere mate in de derde.

Hoe bedoel je?

Wel, laten we eerst eens naar thuiszorg kijken. Je kunt bijvoorbeeld thuiszorgmedewerkers uitrusten met mobiele apparaten en apps die hen helpen met hun zorgtaken en de planning van hun ritten. De omstandigheden wijzigen immers constant, dus een tool die hun dagelijkse ronde van bezoeken realtime herconfigureert en optimaliseert zou voor hen een enorme hulp zijn, het zou hun heel wat tijd besparen. Eenmaal ter plaatse bij een klant zou de zorgverlener bovendien toegang moeten hebben tot actuele medische dossiers. Deze zouden we zelfs automatisch naar de smartphone of het tablet van de zorgverlener kunnen pushen dankzij een locatiegebaseerde dienst. En als de verpleegster wordt geconfronteerd met een situatie waarin hij of zij zich onzeker voelt, bijvoorbeeld een wonde die ze nog nooit heeft gezien of behandeld, dan moet ze online toegang krijgen tot beslissingsondersteunende hulpmiddelen en instructievideo’s. Al deze scenario’s zijn al mogelijk, maar de technologie wordt momenteel nog niet naar behoren gebruikt in de thuiszorg. Ik ken een aantal bedrijven die dat probleem proberen aan te pakken – bijvoorbeeld MCH+ in Nederland (nu onderdeel van PCMS.helpLine Software Group uit Duitsland) – maar er is nog veel werk aan de winkel.

En hoe zit het met hulpmiddelen voor de klant, de oudere persoon?

Dit is een enorme markt aan het worden, met tal van beschikbare hulpmiddelen. Bij thuiszorg hebben de mensen slechts toegang tot een beperkt aantal uren zorg per dag; de rest van de dag zijn ze alleen thuis. Telemonitoringoplossingen die gebruik maken van allerlei sensoren in huis – bijvoorbeeld op de deuren, het bed, het toilet – kunnen zorgverleners of familie waarschuwen als er iets mis is of er zich een abnormale situatie voordoet. Deze oplossingen worden gekalibreerd door meerdere dagen lang ‘normale’ activiteit bij te houden. Als ze daarna dan abnormale patronen detecteren, zenden ze waarschuwingen uit. Met privacyoverwegingen wordt er rekening gehouden, omdat zo’n oplossingen geen beeld of video registreren; ze volgen eenvoudigweg abstracte gedragspatronen op.

Andere oplossingen helpen de mensen dan weer in het contact met hun gemeenschap en sociale kring. Cubigo bijvoorbeeld is een online platform dat ouderen helpt om met hun lokale gemeenschap te communiceren. Zo kunnen ze via het platform een afspraak met hun dokter maken of de buren vragen om te helpen naar de winkel te gaan. Het is een oplossing die de ondersteuning aanboort die informeel al beschikbaar is door vrijwilligers in de lokale gemeenschap, vaak andere ouderen, en door diensten zoals het postkantoor, openbaar vervoer enzovoort.

In assistentiewoningen is het gebied van domotica heel dynamisch. Sensoren zijn bruikbaar voor valdetectie, branddetectie en een betere veiligheid in het algemeen, en spraakherkenningssoftware kan bewoners helpen om hun verlichting en huishoudtoestellen op afstand te besturen. En grotere schermen en toetsenborden helpen mensen om te communiceren. Wil je een idee krijgen van hoe zo’n woningen er in de toekomst uitzien, neem dan eens een kijkje bij Carehome of the Future (onderdeel van Living Tomorrow en Personalized Residence of the Future (PRoF).

En wat met woonzorgcentra?

Als je technologie aan een zorginstelling wil verkopen, moet je twee belangrijke criteria in gedachten houden: ten eerste kostenefficiëntie en ten tweede je medewerkers tevreden houden. Ongeacht andersluidende verklaringen blijft bovendien de administratieve overlast jaar over jaar stijgen. Alle inspanningen die vervelende routinetaken verminderen en die het werk hier leuk en bevredigend maken zijn de moeite waard. Het aantrekken en behouden van medewerkers is heel belangrijk in deze sector. Ik vind dat technologie in dat verband een belangrijke rol kan spelen: het kan het leven van de medewerkers gemakkelijker maken, en het positioneert het woonzorgcentrum als een coole, dynamische plaats om te werken. Je moet een magneetinstelling durven zijn.

Ik zie in de interactie tussen zorgverleners ook nog heel wat mogelijkheden voor efficiëntiewinsten. De uitwisseling van gegevens tussen zorginstellingen, labo’s en de overheid is momenteel nog steeds immens tijdrovend en omslachtig. Dat kan nog enorm verbeterd worden.

Bart Collet geïnterviewd door Frank Boermeester.

Geplaatst op 26 februari 2013, in Interview en getagd als , , , , , , , , , . Markeer de permalink als favoriet. 2 reacties.

  1. ”Technologie kan ongetwijfeld een sleutelrol spelen als we deze uitdaging willen aanpakken, maar import-export zal even belangrijk zijn.” mooi verwoord. Want zo is het maar net!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: